Korat

Korat

De Geschiedenis

 

De Korat is afkomstig uit Ampur Pimai de Korat-provincie in Thailand, waar hij volgens zeggen al sinds 1350 in de koninklijke cattery gefokt wordt. De oudste literaire verwijzing naar de Korat komt uit de “Smud Khoi” het katten gedichtenboek waar de 17 gelukskatten van Thailand worden beschreven. Dit oude boek wat ergens tussen 1350 en 1767 is geschreven kan men vinden in de nationale bibliotheek in Bangkok. In dit boek wordt de Korat zeer bloemrijk beschreven als een kat met een vachtkleur zoals de zilverachtige bloemen van een bepaald kruid. Verder word er gesproken over gladde haren met de kleur van de wolken met topjes van zillver.De stralende groene ogen worden omschreven als stralend als dauwdruppels op een lotusblad.

Al in 1896 verschijnt de Korat op een Britse katten show maar pas in 1959 verkrijgt het ras meer bekendheid in het westen als een Amerikaanse fokster enkele exemplaren naar Amerika haalt. In 1974 doet de Korat opnieuw haar intrede in Europa. Na een moeizame erkenningprocedure werd de Korat in 1981 als volwaardig ras erkend.

 

Het karakter

 

De Korat is een speels aanhankelijk en intelligent ras. De katten zijn sociaal en gaan zoals kenmerkend voor de oosterse rassen vaak een innige band aan met hun eigenaar. Ze houden van een rustige stabiele omgeving. Zoals hun voorkeur voor omgeving al doet vermoeden zijn Korats niet bijzonder vocaal ingesteld zoals met andere Oosterse rassen nog wel eens het geval wil zijn.  


De rasstandaard 
 

De Korat is een blauwe kortharige kat en blauw is dan ook de enige erkende kleur. De blauwe kleur wordt verstrekt door een zachte zilveren glans die veroorzaakt wordt door zilver tipping, een fenomeen waarbij de haarpunten zilver gekleurd zijn.  De vacht kent geen ondervacht, is kort en voelt glad aan.  

Het zijn stevige gespierde katten van een gemiddeld formaat, meestal zo tussen de 3 en 4 kilo. Ondanks hun iets gedrongen bouw zijn ze een sierlijke en gracieuze verschijning. Hun kop is “hartvormig” en bevat sprekende groene ogen die in verhouding tot de kop wat groot mogen uitvallen, wat ze een open en sprekende uitstraling geeft.